Jean Vincent: “De concurrentie bereikt zijn hoogtepunt”

Jean Vincent: “De concurrentie bereikt zijn hoogtepunt”

Een ontmoeting met Jean Vincent is eigenlijk terugblikken op 42 jaar ervaring in transport  en logistiek. Een sector die hij zelf als ‘moeilijk’ bestempelt omwille van de moordende concurrentie en de kwetsbaarheid t.a.v. de grillen van de economische activiteit. Om de continuïteit van zijn onderneming te garanderen, deinsde hij er niet voor terug om de activiteiten in Frankrijk af te bouwen. Daar tegenover stond een toegenomen aanwezigheid op de Duitse markt. “Een logische beslissing toch?”, vraagt de ondernemer zich bij het begin van het gesprek af. “Het is de sterkste economie in de Eurozone. Ik had er heel wat vroeger moeten aan beginnen…”.

Jean Vincent, een alom gekend figuur in de Belgische transportwereld, kocht meer dan 40 jaar geleden zijn eerste vrachtwagen aan. Hij herinnert het zich nog zeer goed: “Het was in Hamoir waar mijn vader een handel in landbouwproducten uitbaatte. Daar is het allemaal begonnen.” Hij was toen al gefascineerd door het Duitse economische model. Het was dan ook niet abnormaal dat hij zich in 1979 op een boogscheut van de Duitse grens vestigde. Vandaag de dag is Vincent Logistics nog altijd gevestigd in Eynatten, maar sinds 2000 ook in de industriezone van Hauts-Sarts (Herstal), in het Groot Hertogdom Luxemburg en in Slowakije.

De groep is hoofdzakelijk actief in het wegtransport (voor ca. 85%), maar is inmiddels ook uitgegroeid tot logistieke dienstverlener. “We beschikken over 90.000 m² aan opslagruimte, waarvan 65.000 m² in eigen beheer, en 28.000 m² via externe partners”, aldus Jean Vincent. “Ik beschouw mijzelf vooral als een transporteur. Diesel zit mij als het ware in het bloed! De rendabiliteit van beide bedrijfstakken loopt min of meer gelijk en de transportafdeling is gegroeid over de laatste twee jaar. Toen de crisis uitbrak hebben we onmiddellijk beslist om onze activiteiten op Frankrijk terug te schroeven. Op 5 jaar tijd zijn we van 55 naar 5 volumewagens teruggevallen. Deze beslissing heeft ons geen windeieren gelegd, wel integendeel. Het heeft ons toegelaten om onze aanwezigheid in Duitsland en in de Benelux gevoelig uit te breiden.

Het belang van getrokken materiaal

De vloot van Vincent Logistics bestaat uit 114 motorvoertuigen (hoofdzakelijk Volvo en een aantal recent aangekochte Mercedes Actros), en 211 getrokken voertuigen. Het bedrijf stelt 141 chauffeurs te werk. “Sommige voertuigen worden met name voor twee opeenvolgende ploegen ingezet”, aldus de gedelegeerd bestuurder. De transportactiviteiten van de groep zijn in drie hoofdtakken onder te verdelen, weliswaar complementair aan elkaar. Eén derde van de voertuigen wordt ingezet voor contractuele opdrachten, waarbij een specifieke uitrusting, zoals een kraan of meeneemheftruck, vereist is. Nog een derde is bestemd voor gepalletiseerd transport van droge voeding onder geleide temperatuur, verpakkingsmateriaal en bouwmaterialen. “Zes jaar geleden zijn we van start gegaan met een derde bedrijfstak, meer bepaald het transport met diepladers voor het transport van landbouwmachines en machines voor de wegenbouw”.

Het getrokken materiaal mag gerust het stokpaardje van Jean Vincent genoemd worden. “Af en toe stop ik op autosnelwegparkings om naar de opbouw van de verschillende voertuigen te kijken”, zegt Jean Vincent met een glimlach op de mond. “We hebben een voertuig op maat ontwikkeld waarmee we zowel palletten als machines kunnen vervoeren. Deze veelzijdigheid biedt ons de mogelijkheid om te besparen op het aantal lege kilometers. We beschikken bijvoorbeeld over diepladers die kunnen uitgerust worden met demonteerbare zijlatten. Zo kunnen ze eveneens ingezet worden voor het vervoer van iets kwetsbaardere goederen of ook nog gebruikt worden bij slecht weer of winterse omstandigheden.”

Deze speciale aanhangwagens, waarmee Vincent Logistics zich van de concurrentie onderscheidt, worden door een Duits bedrijf gebouwd. “Sinds kort kiezen we voor gegalvaniseerde aanhangwagens, omdat dergelijke voertuigen een langere levensduur hebben en lagere onderhoudskosten vereisen. Ook het ander getrokken materiaal wordt bij verschillende Duitse KMO’s aangekocht. Wat betreft de motorvoertuigen wordt bewust voor witte vrachtwagens gekozen, wat echter niets met esthetiek te maken heeft. Het is een zuiver rationeel verhaal. “Bij de herverkoop zijn deze voertuigen in een mum van tijd klaar voor de tweedehandsmarkt. Ook voor eventuele herstellingen biedt deze kleur een voordeel. Deze kunnen met name sneller uitgevoerd worden omdat de wisselstukken origineel in het wit geschilderd zijn.”

Het gras is groener in Berlijn, niet in Sofia of Kiev…

De loonkostenhandicap is volgens Jean Vincent vooral nadelig in de concurrentiestrijd met onze buurlanden. “T.a.v. de Duitsers zijn de loonkosten een gigantische handicap. De fiscale druk maakt het ons bijzonder lastig om de concurrentie aan te gaan. De sommen die we betalen voor het gebruik van onze wegen staan niet in verhouding met de staat ervan. Als ik dan zie hoe het gesteld is met het beleid m.b.t. de wegenwerken, kan ik alleen maar vaststellen dat er niet onmiddellijk beterschap zit aan te komen… Veel van mijn collega’s hebben gekozen om chauffeurs uit Oost Europa in dienst te nemen, maar deze oplossing lijkt alleen in theorie voor heil te zorgen. Deze chauffeurs beschikken over geen enkele specialisatie waardoor ze niet in aanmerking komen voor opdrachten waarbij toegevoegde waarde vereist is.”

Jean Vincent gaat verder door op dit thema: “Ongeveer één jaar geleden bereikte de concurrentie zijn toppunt. Deze trend wordt min of meer ingegeven door de steeds hogere eisen van de opdrachtgevers. Die zijn op zoek naar creatieve, innovatieve, efficiënte en concurrentiële partners. Het is dus levensnoodzakelijk dat je als bedrijf over een perfecte structuur beschikt. De activiteit in onze sector daalt minder snel dan het aantal spelers. De sector wordt als het ware herschikt, en volgens mij zullen er twee types van ondernemingen aan de oppervlakte komen: enerzijds de internationale groepen en anderzijds de bedrijven met een personeelsbestand van 150 à 500 personen, die gespecialiseerd zijn en dicht bij hun klanten opereren. De kleinere bedrijven zijn gedoemd om als onderaannemer voor de grote jongens te werken.” Jean Vincent voegt eraan toe dat hij persoonlijk niet staat te springen om in grote mate beroep te doen op deze onderaannemers. “3 procent van ons zakencijfer is afkomstig van onderaanneming, en dat wil ik zo houden omdat de rendabiliteit eerder gering is.”

5 ecocombi’s in de startblokken

“Voor mij is het klaar en duidelijk dat dergelijke voertuigen een enorm voordeel kunnen opleveren”, aldus Jean Vincent. “In ons klantenbestand zijn er heel wat opdrachtgevers waarvoor we zware en veel verkochte producten vervoeren met een lage toegevoegde waarde. Voor dergelijke transporten is een ecocombi de perfecte oplossing: de kostprijs kan gemakkelijk dalen met 12 à 15% per eenheid. In 2012 deden we de nodige investeringen en we staan klaar met 5 voertuigen en 12 Belgische chauffeurs. Die zouden in ploegverband kunnen werken op in totaal negen zorgvuldig uitgekozen trajecten. Ik stel vast dat er al bijna 25 jaar ecocombi’s rondrijden in Zweden en in Finland, en al 10 jaar in Denemarken en in Nederland. Het is dan op zijn zachtst gezegd ontmoedigend dat we bij ons nog altijd bezig zijn met studies over de impact op ons milieu en de verkeersveiligheid. Ik hoop dat de testfase in 2014 van start zal gaan…”

Voor het onderhoud van zijn getrokken materiaal beschikt Vincent Logistics over een eigen werkplaats, waar 5 personen tewerkgesteld zijn. Voor de motorvoertuigen wordt een beroep gedaan op plaatselijke concessiehouders. “Het is absoluut noodzakelijk om jaarlijks te investeren, ook al wordt je als bedrijf geconfronteerd met de harde wetten van de economische situatie. Jaarlijks vervangen we nog steeds 22% van onze trekkers. Dat was ook het geval in 2009 en 2010. Dankzij deze politiek beschikken we over een moderne en efficiënte vloot en slagen we erin onze operationele kosten in bedwang te houden. Voor de toekomstige ontwikkeling van zijn bedrijf, kijkt Jean Vincent vooral naar een interne groei die er moet komen door een gestructureerde en selectieve commerciële aanpak. “Het is belangrijk om internationale beurzen te bezoeken om in contact te komen met nieuwe prospecten en om nieuwe markten aan te boren. We moeten resoluut de internationale toer op, ook al zijn sommige markten uiterst moeilijk te bespelen.”

De ploegenarbeid van de chauffeurs is nog zo’n item dat in de toekomst verder zal ontwikkeld worden. “Door het dichtslibben van de wegen in de Benelux, is het niet zo moeilijk om gemotiveerde chauffeurs te vinden, die bereid zijn om ’s nachts te rijden. Dit is immers een pak minder stresserend.” Bij Vincent Logistics lopen er momenteel 15 voertuigen die twee keer 10 uur per dag ingezet worden. “Dit is een win-win situatie: het zorgt voor een verbeterde rendabiliteit en bovendien is het goed voor het milieu en de verkeersveiligheid.”

Jean Vincent sluit af met een bedenking voor de lange termijn: “Generatiewissels zijn niet altijd even gemakkelijk. Ik hoop dat mijn opvolgers klaar staan om de fakkel over te nemen. Ook al ben ik niet onmiddellijk van plan om ermee te stoppen”, voegt hij er fijntjes aan toe…

Vincent Logistics in enkele cijfers

  • Kapitaal: 3,5 miljoen EUR.
  • Zakencijfer (2012): 37 miljoen EUR.
  • Cash-flow: 14,75%
  • Ebitda: 15,70%
  • Nettomarge: 4,25%
  • Geconsolideerd cijfer voor alle activiteiten
14/11/2013
Recent news

More news >>